Van de ene op de andere dag

Lucky me; ik mag een gastblog schrijven voor één van de mooiste blogs die ik ken! @DitisMarsMania viert vakantie en vroeg mij om een blogstukje.

 

Het was ongeveer elf uur ‘s ochtends. Ik zat op de bank. Geen idee wat ik aan had. Geen idee welke dag. Geen idee, van niets eigenlijk. Ik had de kinderen naar school gebracht en was op de bank gaan zitten. Punt.

De maanden (jaren?) ervoor waren ongeveer zo. Opstaan, aankleden, kinderen helpen, overleggen – als dat niet al gedaan was – wie gaat wie wegbrengen; 1 kind naar de crèche, 1 kind naar school. Boekje lezen. Luiers uitpakken. Juffen en/of leidsters proberen te pakken te krijgen om te vertellen over de slechte nacht, de open knie of de nieuw ontwikkelde angst voor clowns. Op de deur van de klas een papier ‘welke ouder gaat woensdag mee naar de kinderboerderij?’ Leuk! Dat wil ik. Sjit, ik kan niet. Werk. Schuldgevoel. Hop op de fiets, racen. Trein halen. Krant lezen? Nee toch maar vast wat stukken. Dat is namelijk goed, dan ben je voorbereid. Alleen even Koster & Jojanneke dan. Schuldgevoel. Koffie en een broodje op Hoog Catherijne scoren, oja ontbijt! Vergaderen, mailen, stukken schrijven. Tussendoor de dokter bellen, afspraak maken voor mijn zoon. Kwartier in de wacht. Jammer, na de vergadering nog eens proberen. In de pauze schoonmaakspullen en pleisters kopen. Die zijn op. Dokter bellen. Assistente heeft ook lunchpauze. Logisch. Vergadering. Gelukkig zijn er koekjes. Trek! Vergeten te lunchen. De kwart voor drie gedachte: nu lopen de kinderen van school naar de opvang. Ik zie het zo voor me. Rugzakjes om, ah. Schuldgevoel.
Afspraak met stagiaire. Zij gaat leren, ik krijg hulp. Fijn! Gesprek soort van afgeraffeld – schuldgevoel -, de klok tikt. Ik moet mijn trein halen! Spullen in de tas. Hollen. Trein gehaald. Fiets pakken, 1 kind halen. Koken. Totaal gebrek aan kooklust. Diepvriespizza’s in de oven. Schuldgevoel.

En toen, die ochtend had ik mijn trein gemist en was langs huis gegaan. Ik was even gaan zitten. En ik kwam NIET meer overeind. Het ging gewoon, NIET! Ik zat daar al twee uur op de bank. En opeens kwam de vraag bij me op. ‘Gaat het eigenlijk wel goed met mij?’

‘En, is de opvang al geregeld?’

 

Toen ik in verwachting was van mijn oudste kind, begreep ik al gauw dat je niet te lang moest wachten met het vinden van geschikte opvang. Nog amper gewend aan het idee dat we als ouders door het leven zouden gaan, oriënteerden we ons op de verschillende soorten dagopvang. Inderdaad, we bleken met gezwinde spoed een keuze te moeten maken. Overal wachtlijsten en zorgelijke gezichten. Snel inschrijven, anders geen plek was de boodschap. Dus, in een paar avonden tijd bedachten we hoe wij het zouden gaan regelen. Eén van de oma’s – ook nauwelijks aan het idee gewend – bood enthousiast aan één dag per week te willen oppassen. Geweldig. Wijzelf zouden ook ieder één dag per week op ons nemen. Bleven er nog twee dagen over. Helder. Kwamen we bij het volgende probleem. We wisten eigenlijk nog helemaal niet waar we zouden gaan wonen. Want, we woonden eigenlijk nog helemaal niet samen! Dat wilden we wel, maar het was er gewoon nog niet van gekomen. Het kon zowel Leiden als Den Haag worden. Zo ver waren we. Tja, wat is dan wijsheid? Gelukkig was er bij het werk van mijn man een kinderdagverblijf in het gebouw. Daar kozen we dus voor. En er was gelukkig ook nog plek. Check! Dat was geregeld.
Een aantal maanden verder was het dan zover. Mijn zoontje was drie maanden, ik ging weer aan de slag. Het verbaasde me hoe simpel je het je allemaal voorstelt van te voren, als je in verwachting bent: opvang geregeld, mooi, niet meer aan denken. Klaar! Nu dacht ik daar toch een beetje anders over. Nu KENDE ik mijn kind namelijk. Nu ging het toevallig wel om MIJN mannetje, dat nog maar 3 maanden – hoor je mij?! DRIE maanden – oud was! Moest ik die hier nu achter laten?! Ik voelde me totaal verscheurd.
Gelukkig wende hij (ik!!) snel, kwamen we gauw in een ritme en bood mijn werk me afleiding en nieuwe inspiratie. Maar bij de tweede heb ik mooi wel een maandje vakantie aan mijn zwangerschapsverlof vastgeplakt. Vier maanden is toch net iets meer dan drie!

Foto: bey bey buggy