Laat december niet met je op de loop gaan

 engel

10 tips om december te overleven!

 

December is bij uitstek de maand waarin je jezelf helemaal kunt verliezen. Je hebt meer etentjes en afspraken met vrienden en familie dan normaal en er zijn allemaal keuzemomenten en to-do lijstjes waar je iets mee moet: zijn de Sint gedichten al af; hebben we naast alle (verplichte?) familiedinertjes nog tijd om lieve vrienden te zien; O sjiiiips, er moet iets in die schoenen; wat zal ik aantrekken op de kerstborrel/kerstdiner; is het allemaal niet een beetje veel voor de kinderen; heeft mijn moeder het wel naar haar zin; hoe overleef ik het diner bij de schoonfamilie? Enzovoort. Herkenbaar?

Voor de een is het de leukste maand van het jaar, voor de ander is het een grote verschrikking. Maar één ding staat als een paal boven water:  december doet iets met je. Dus gauw, voor we december induiken met z’n allen, 10 tips om ervoor te zorgen dat december niet met je op de loop gaat. Voor zowel de liefhebber, als de ‘overlever’.

  1. Houd je verwachtingen laag. Dan kan het alleen maar meevallen.
  2. Verlang niet van jezelf dat je de hele maand december als een happy camper door het leven moet gaan. Als je je heel gelukkig voelt onder de kerstboom, prima! Maar mocht dat niet het geval zijn, ook goed. Je bent echt niet de enige die blij is als het leven weer terug naar normaal is.
  3. Blijf (bij) jezelf. Makkelijker gezegd dan gedaan misschien, als je veel vaker dan normaal in je feestoutfit (had ik die panty nou toch maar een maatje groter gekocht) over de drempel van een  overvolle kamer stapt en waar van je verwacht wordt dat je even een paar uur gezellig en sociaal gaat staan doen. Ga regelmatig naar het toilet. Stap even uit de groep en haal diep adem, helemaal tot in je buik. Ademhaling is altijd iets waar je op terug kunt vallen. Vrouwen hebben de neiging helemaal op te gaan in het gesprek dat ze voeren, het gezelschap waar ze op dat moment deel van uitmaken. Heel gezellig, maar je kunt jezelf er nogal verliezen. En dan kost het na afloop extra veel tijd om weer tot jezelf te komen. Dus: adem in – adem uit!
  4. Ik zeg altijd tegen mijn kinderen: iedereen heeft leuke en aardige kanten, echt waar. Ga er maar naar op zoek als je van iemand denkt dat hij/zij niet leuk is. Houd dit in je achterhoofd, in het geval dat net jij naast die ene vervelende oom aan de kerstdis worden geparkeerd. Maak er een sport van om iets leuks of aardigs aan hem te ontdekken en blijf vooral de humor van het hele geval inzien. Zo beleef je misschien onverwacht veel lol met je oom. En anders….heus de avond gaat vanzelf voorbij!
  5. Blijf in beweging en haal regelmatig een frisse neus. Let daar nog meer op dan normaal. Ga iedere dag een stukje wandelen of hardlopen zodat je niet alleen dat copieuze dinertje sneller  verteert, maar ook nog eens endorfine aanmaakt.
  6. En, zoals mijn levensmotto dat op heel veel – eigenlijk alles – van toepassing is: ALLES MET MATE! Dat geldt voor voedsel & alcoholinname maar ook voor het aantal afspraken dat je maakt. Overdaad schaadt en geeft je nooit een prettig gevoel!
  7. Zorg dat je óók de mensen ziet die je heel gelukkig maken, die je inspireren of waar je goed bij voelt. En geniet van het feit dat deze mensen deel uitmaken van jouw leven.
  8. Vergeet niet: jij bent in de baas over jezelf. Natuurlijk, je houdt rekening met de wensen van de mensen die je dierbaar zijn. Dat is ook belangrijk. Maar je hoeft het echt niet iedereen naar de zin te maken en aan ieders verwachtingen te voldoen. Jij bent er ook nog!
  9. De kerstvakantie is al gauw fully booked. Zorg dat je een aantal dagen of dagdelen reserveert om helemaal niets te doen zodat je tijd hebt om even bij (jezelf) te komen.
  10. Wees aardig voor jezelf. Beoordeel jezelf niet te streng en waardeer jezelf om al die geweldige TALENTEN & KWALITEITEN die je juist in deze maand tentoonspreidt!

Van de ene op de andere dag

Lucky me; ik mag een gastblog schrijven voor één van de mooiste blogs die ik ken! @DitisMarsMania viert vakantie en vroeg mij om een blogstukje.

 

Het was ongeveer elf uur ‘s ochtends. Ik zat op de bank. Geen idee wat ik aan had. Geen idee welke dag. Geen idee, van niets eigenlijk. Ik had de kinderen naar school gebracht en was op de bank gaan zitten. Punt.

De maanden (jaren?) ervoor waren ongeveer zo. Opstaan, aankleden, kinderen helpen, overleggen – als dat niet al gedaan was – wie gaat wie wegbrengen; 1 kind naar de crèche, 1 kind naar school. Boekje lezen. Luiers uitpakken. Juffen en/of leidsters proberen te pakken te krijgen om te vertellen over de slechte nacht, de open knie of de nieuw ontwikkelde angst voor clowns. Op de deur van de klas een papier ‘welke ouder gaat woensdag mee naar de kinderboerderij?’ Leuk! Dat wil ik. Sjit, ik kan niet. Werk. Schuldgevoel. Hop op de fiets, racen. Trein halen. Krant lezen? Nee toch maar vast wat stukken. Dat is namelijk goed, dan ben je voorbereid. Alleen even Koster & Jojanneke dan. Schuldgevoel. Koffie en een broodje op Hoog Catherijne scoren, oja ontbijt! Vergaderen, mailen, stukken schrijven. Tussendoor de dokter bellen, afspraak maken voor mijn zoon. Kwartier in de wacht. Jammer, na de vergadering nog eens proberen. In de pauze schoonmaakspullen en pleisters kopen. Die zijn op. Dokter bellen. Assistente heeft ook lunchpauze. Logisch. Vergadering. Gelukkig zijn er koekjes. Trek! Vergeten te lunchen. De kwart voor drie gedachte: nu lopen de kinderen van school naar de opvang. Ik zie het zo voor me. Rugzakjes om, ah. Schuldgevoel.
Afspraak met stagiaire. Zij gaat leren, ik krijg hulp. Fijn! Gesprek soort van afgeraffeld – schuldgevoel -, de klok tikt. Ik moet mijn trein halen! Spullen in de tas. Hollen. Trein gehaald. Fiets pakken, 1 kind halen. Koken. Totaal gebrek aan kooklust. Diepvriespizza’s in de oven. Schuldgevoel.

En toen, die ochtend had ik mijn trein gemist en was langs huis gegaan. Ik was even gaan zitten. En ik kwam NIET meer overeind. Het ging gewoon, NIET! Ik zat daar al twee uur op de bank. En opeens kwam de vraag bij me op. ‘Gaat het eigenlijk wel goed met mij?’