Zin en onzin van een functieomschrijving

Afgelopen vrijdag meldde de coachingskalender het volgende bericht:

IMAG1415

Deze tekst spreekt me aan! Inderdaad, neem zo’n functieomschrijving alsjeblieft met een korrel zout. Dat zeg ik regelmatig tegen klanten, maar heb ik ook mezelf aan moeten (leren) praten. Vroeger – nouja, wanneer stopte vroeger eigenlijk? – of beter gezegd, LANG, dacht ik bij het lezen van de functieomschrijving in een vacaturetekst, dat je een 100% match moest hebben om uberhaupt in aanmerking te komen voor een gesprek. Toen ik eenmaal uitvogelde dat er altijd om een schaap met tien gouden poten werd gevraagd, durfde ik ook al te reageren bij 90% match. Toch een kleine winst en ik denk dat dat er wel voor heeft gezorgd dat ik af & toe uitgenodigd werd voor gesprekken. Toch fijn!
Eenmaal aangenomen voor een baan, was de functieomschrijving mijn alles: een leidraad, mijn gids, mijn enige houvast. Want daar kon ik immers in vinden wat er van mij verwacht werd. Toch? Ik was nogal van het slag ‘u roept, wij draaien!’. En tja, dat werkte niet. Want hoe bereidwillig ook, het zorgde voor grote onzekerheid en stress bij mij (doe ik het wel goed? Is dit wat er van me verwacht wordt? Hoe wordt dit of dat precies bedoeld? Wat willen ze nou eigenlijk van me?!). Ik werd er helemaal gek van! Want natuurlijk was er geen leidinggevende die mij haarfijn uit de doeken deed hoe ik de boel precies vorm moest geven. Daar hield hij/zij zich helemaal niet mee bezig en daar zat ook niemand op te wachten, want daar was ik nou juist voor aangenomen! En dat – weet ik door schade en schande wijzer geworden – is namelijk het leuke van werken, een baan hebben en een functie uitvoeren: je wordt aangenomen op grond van je ervaring en je persoonlijkheid. Én omdat men op basis van die combinatie verwacht dat jij de vacature kunt gaan invullen. En vanaf dat moment, mag jij, naar eigen inzicht, naar eigen kennis en kunde een functie gaan bekleden. Helemaal op je eigen manier. Jij mag de functie gaan inkleuren, jij kan je gaan uitleven en je kans grijpen om jezelf en al je talenten in een functie te laten zien. Geweldig.

De functieomschrijving dient daarbij als houvast, als kader en als beginpunt. Maar heus, voor de rest is het aan jou dus neem de functieomschrijving inderdaad met een korrel zout!

Zulke dagen zitter er ook tussen

 tired_mom[1]

Ik voel me nog steeds zeer vereerd dat ik iedere maand mag bloggen voor Anababa.nl, de site die eerlijk is over ouderschap. Dat eerlijke spreekt me aan. Dat raakt ook de kern van mijn werk als coach. Laten we alsjeblieft eerlijk zijn over ouderschap. Naast alle fantastische momenten die je als ouder meemaakt, de enorme bak onvoorwaardelijke liefde die je voor je kinderen voelt en waarvan je misschien niet wist dat je het in je had en het gevoel van zingeving dat je ervaart door de komst van je kinderen, zijn er ook dagen als deze

foto van de vrolijke site van BFF’s Liz Fenton & Lisa Steinke

Die luie Nederlandse deeltijdvrouw toch!

Jet Bussemaker vindt dat vrouwen zich minder schuldig moeten voelen tegenover hun gezin. In plaats daarvan moeten ze zich schuldig voelen over het feit dat de overheid zoveel in hun opleidingen investeerde, terwijl ze nu in deeltijd of helemaal niet werken omdat ze thuis voor de kinderen zorgen. En niets meer met die dure opleiding doen. Dit is niet alleen doodzonde, maar het betekent, zo waarschuwt de minister in Trouw, dat de helft van de Nederlandse vrouwen zichzelf financieel niet kan bedruipen en economisch afhankelijk is van haar partner. Een zorgelijke situatie als je bedenkt dat 1 op de 3 huwelijken in een echtscheiding eindigt.

Ik heb grote waardering voor iedere minister die aandacht besteedt aan emancipatie. Dit onderwerp is de afgelopen jaren ongemerkt uit alle politieke agenda’s verdwenen. Heel goed dus dat de minister van OCW de emancipatie van vrouwen in het vizier houdt en aandacht vraagt voor de deeltijdcultuur die in Nederland gangbaar is en die vrouwen in zo’n kwetsbare positie plaatst. Ik vraag me alleen af of de gekozen insteek de boel in beweging zal gaan krijgen.

De boodschap van de minister is bepaald niet nieuw. Elma Drayer sprak in haar boek “Verwende prinsesjes” ook al schande van de halfzachte werkethos die hoogopgeleide vrouwen er in Nederland op nahouden. De tegengeluiden – er is geen werk, wie zorgt er dan voor mijn zieke schoonmoeder, waar is de betaalbare opvang – zijn al lang bekend en de discussie lijkt in het slop geraakt zonder dat we ook maar een stap verder zijn gekomen.

Het is jammer dat Jet Bussemaker nou net schuldgevoel aangrijpt om de discussie eens even nieuw leven in te blazen. Je moet weten dat vrouwen kampioen “zich schuldig voelen” zijn. Als het niet naar het gezin is, dan is het wel naar de werkgever, de buurvrouw of de school van de kinderen. En schuldgevoel is een weinig constructieve emotie, is mijn ervaring als coach. Jammer is ook dat Jet Bussemaker zich expliciet tot de hoogopgeleide vrouwen richt. Natuurlijk, juist deze vrouwen kosten de staat zoveel geld. Maar het zijn ook de hoopopgeleide vrouwen die in verhouding het meeste werken. Méér dan de lager opgeleide vrouwen. Misschien iets om mee te nemen in de discussie.
Tot slot, het probleem – en ook dit getuigt niet speciaal van innovatief denken, het spijt me minister – wordt wederom volledig bij vrouwen neergelegd.

Nogmaals, alle waardering voor Jet Bussemaker die de kwetsbare positie van Nederlandse vrouwen benoemd en de problematiek van de deeltijdarbeidsparticipatie van vrouwen terecht aan de kaak stelt. Het is hoog nodig. Maar om echt tot een verandering te komen is er meer nodig dan een wijzende vinger naar zich toch al schuldig voelende vrouwen. Laten we een nieuwe weg in slaan en het als een maatschappelijke verantwoordelijkheid beschouwen van de overheid en zowel mannen als vrouwen om dit probleem voor eens en voor altijd op te lossen. Er ligt nog een mooi rapport op de planken, van de Taskforce DeeltijdPlus (2010, onder voorzitterschap van Pia Dijkstra) met uitstekende adviezen. Bekijk vooral ook de Argumentenkaart op de laatste pagina, bijzonder inzichtelijk!

Een ieder met vernieuwende ideeën over dit onderwerp nodig ik van harte uit te reageren!

Op anababa.nl staat een mooi opiniestuk van Marèse Peters

Huppetee, al die ballen in de lucht!

potloodje

Ontzettend leuk al die reacties op de enquête die ik uitschreef. Binnen een paar dagen meer dan honderd reacties! Super. Ook blijkt er veel belangstelling voor de uitkomsten van de enquête. Ik ben momenteel druk bezig met het analyseren en verwerken van de antwoorden. Wat een schat aan informatie! Daar kan ik wel wat mee. Maar voor het zover is, licht ik alvast een tipje van de sluier op: de werkende moeder heeft niets met de woorden ‘fashionista’ en ‘huisvrouw’ en maar 15% van hen plant bewust haar carrière….. To be continued!

Binnenkort verloot ik de gratis workshop ‘Grip op je tijd!’ verloten, onder al diegenen die reageerden. Leuk! En wil je er nog kans op maken? Vul dan vóór 27 april snel nog even de enquête in.