Baaldag

 

Ik las op mijn werk een maildiscussie over ziek zijn. Of je dan in staat bent te twitteren of niet. Kennelijk had een ziek gemelde collega zitten twitteren. Wel twitteren, niet achter de laptop was een mening. Ik heb nooit uitgesproken ideeën over dit soort dingen. Definities van wat wel en wat niet mag als je ziek bent. Ziek zijn in de zin van je ziek melden. Niet naar je werk gaan dus.
Ik ga er altijd maar vanuit dat je zelf heel goed weet of je je terecht ziek meldt of niet. Natuurlijk zijn er notoire ziekmelders en dat kan heel hinderlijk zijn voor collega’s die daar de dupe van zijn. Typisch een varkentje dat de leidinggevende moet wassen lijkt me. Misschien is er wel iets heel anders aan de hand.
In ieder geval vind ik het jammer dat de discussie hier over ging. Ik heb namelijk het gevoel dat er ontzettend veel Calvinisten in dit land rondlopen. Die zich om de haverklap héél schuldig voelen omdat ze denken enorm tekort te schieten. Die er prat op gaan dat ze zich nooit ziek melden. Ook al zouden ze dat misschien soms wel eens moeten doen. Eigenlijk wil ik een lans breken voor ‘de baaldag’. Een baaldag is volgens mij het meest onderschatte instrument in HRM-land. Het lijkt wel of niemand ziet hoe goed het een mens kan doen om heel af en toe, toe te geven aan een baaldag. Volgens Wikipedia is een baaldag een dag dat je niet lekker in je vel zit. Ik wil nog iets verder gaan. Als ik een baaldag heb, wil ik het liefst niet meedoen aan de wereld. Gewoon, een dag NIET meedoen aan de wereld! Ik wil alleen zijn. Met me, myself and I. Op de bank of in bed, met een dekbed en een tijdschrift. Omdat het even op is. Omdat ik even zonder prikkels en impulsen van de buitenwereld wil. Omdat ik moet bijtanken. En dat kan ik door alleen te zijn en niets te hoeven. Van niemand. Het hoeft maar een paar uurtjes te zijn. Ik begrijp best dat er mensen zijn die hun wenkbrauw optrekken bij deze opvatting. Zou het immers niet beter zijn als je al eerder op de rem staat of aan de bel trekt? Bij jezelf dan. Zo van ho ho, stop! Het wordt nu echt teveel. Natuurlijk, dat zou helemaal ideaal zijn. Maar geloof me, niet iedereen kan dat. Het is een kunst apart. Want dan is er altijd een deadline. En dan komt er altijd nog iemand aan je bureau die iets wil. Iemand op wie je dol bent, voor wie je graag wat doet en ja daar ga je dan. Als er nou eens in de CAO werd opgenomen dat je 1 of 2x per jaar een baaldag op mocht nemen. Zomaar een dag niet mee doen, zónder dat je je daar schuldig over hoeft te voelen. Omdat het mag! Zouden er dan minder langdurig zieken zijn? Wat denk jij?

Bron afbeelding: http://www.blog.rudibu.nl

 

 

Martine de Vente – Crea Mama

Afgelopen zaterdag (15/05/2011) stond er een leuk artikel van Marcel Teunissen in de NRC over hybride ondernemers. Blijkt dat er steeds meer mensen kiezen voor de combinatie werken in loondienst & deeltijd ondernemerschap. Mocht je nou ook wel eens dromen over een eigen bedrijfje, maar vind je de stap wat groot, dan is dit beslist een goede optie. Alle voordelen van werken in loondienst blijven in tact: collega’s, ergens bijhoren, vaste inkomsten…. Tegelijkertijd kun je je bezig houden met misschien wel wat je écht leuk vindt, waar je goed in bent of waar je super veel energie van krijgt. Het is het overwegen waard.

Martine de Vente heeft dit leuke boekje geschreven om creatieve moeders (vrouwen wat mij betreft) op gang te helpen hun eigen onderneming op poten te krijgen. Heel handig als je je aan het oriënteren bent. Er staan allemaal praktische tips in, als hoe zet je jezelf in de markt, hoe verzin je de juiste bedrijfsnaam en hoe kom je hoog op google. Een aantal vrouwen die voor zichzelf begonnen zijn vertellen hun verhaal. Bijvoorbeeld Gacella Gorter die bruids- en verjaardagstaarten bakt, thuis in haar Ikea-oven in Alphen aan den Rijn. “Cupcakes zijn nu helemaal hot”. Ze bakte er eens 800 voor een bedrijfsfeest. Dat bakken ging nog wel, maar hoeveel vraag je per cakeje? En Adri van der Tang die een webwinkel heeft vertelt hoe belangrijk publiciteit is. “Maak het redacties van tijdschriften zo makkelijk mogelijk. Stuur een persbericht met beeldmateriaal in hoge resolutie”. Achterin staan een aantal nuttige (web)adressen.
Leuk klein boekje om je door te laten inspireren. Misschien gaat het wel kriebelen?!

* helaas is er geen link naar het artikel uit de NRC. Wel vond ik deze link naar het interview met twee hybride ondernemers die in het stuk hun ervaringen uit de doeken doen.

Goede huisvrouw

 

Ik zat op het balkon bij mijn moeder. We dronken koffie en bekeken Den Haag, van de bovenkant. Dat doen we allebei graag. Mijn blik dwaalde af. Ik constateerde dat ze er goed in geslaagd was iedere vierkante centimeter van haar balkon te benutten. Overal vrolijke potten met planten en bloemen. Mijn oog viel op haar ‘kruidentuintje’. De potten met salie, tijm, oregano en basilicum in de hoek. Alles prachtig in bloei. Nou interesseert dit mij momenteel bovenmatig. Ik ben namelijk druk in de weer geweest met aarde en zaden en zelfgefabriekte mini-kasjes. Mijn bieslook staat er dapper maar armetierig bij. Genoeg voor 1 frisse salade, meer is het niet ben ik bang. De oregano houdt zich al weken verstopt onder de aarde en de tijm heeft gewoon nog wat tijd nodig, is mijn analyse. Van de basilicum heb ik echter hoge verwachtingen. Daar zit echt een flinke oogst aan te komen. Vandaar mijn interesse. ‘Wat geweldig’, wees ik op de potten. ‘Heb je die allemaal zelf geplant?’
‘Welnee joh’, antwoordde mijn moeder, ‘ik heb ze als plantjes gekocht en in potten gezet. Ik zorg wel heel goed voor ze’ voegde ze er tevreden aan toe. ‘Het is ontzettend lastig met die kruiden. Mark van de bio-markt zegt dat je pas echt een goede huisvrouw bent als je je eigen basilicum kunt oogsten’.

Terug thuis bestudeerde ik mijn basilicumplant aandachtig. Ik grijnste breed. Volgens mij vindt Mark mij wel een goede huisvrouw! Ik ben denk ik geslaagd!  (zoals de pinautomaten in de winkels – #hetnieuwebetalen – elke keer zo enthousiast vermelden)

Jammer

 

Jammer. Zo zou je het nieuwe softwarepakket wel kunnen noemen. Naast mijn bestaan als coach ben ik ook ambtenaar. Ik heb twee levens, in feite. Ik vind het heerlijk om mijn eigen toko te runnen en hecht veel waarde aan mijn zzp-schap, maar ik houd er ook van om met enige regelmaat collega’s tegen te komen en bij een cluppie te horen. Daarnaast ben ik dol op kerstpakketten en bedrijfsuitjes, maar dat doet nu niet ter zake. Nog niet zo heel lang geleden moesten wij ambtenaren naar een nieuw software systeem overstappen. Het was behoorlijk wennen, die eerste dagen in het nieuwe jaar. Ik kon er helemaal niet mee overweg en raakte continu mijn kluts kwijt op de monitor. Toegegeven, ik ben niet zo goed in veranderingen. Toen de tandpastafabrikanten en masse besloten van draaidoppen over te stappen naar ‘sta-doppen’ moest ik echt wel even schakelen. Wat was er eigenlijk mis met die draaidop? Eenzelfde reactie viel dus te verwachten bij een nieuw softwarepakket. Daarom vermande ik mezelf, sprak mezelf moed in en hield mezelf voor dat ik me nu geen leven zonder sta-dop meer vóór kan stellen! Zo gaat dat nou eenmaal.
Ondertussen zijn we ruim vier maanden verder. En ik merkte opeens dat het op is. De rek is eruit. Gistermiddag om een uur of twee. Toen ik voor de zoveelste keer volledig vastliep in het systeem. En ik weer een klant moest vertellen dat we (ik?!) sorry, sorry een fout had gemaakt. Nieuw systeem mevrouw. Ik kon mezelf niet nog meer vermannen, opbeuren, en tandpastadoppen voor houden. Kan iemand mij alsjeblieft vertellen waarom deze verandering nou zo nodig was? Wat voor grote voordelen wachten mij, als ik het eindelijk onder de knie heb? En zou het ook kunnen dat het niet aan mij ligt maar aan het zachtewarenpakket? Ik heb behoefte aan een grote sappige worst. Het lukt me niet meer op eigen kracht. En het aller, allerliefste wil ik dat iemand, wie dan ook uit het hoger management, een keer – heus één keertje maar! – ’s ochtends langsloopt. En dan tegen mij en al mijn worstellende collega-ambtenaren zegt: wat super dat jullie het vandaag opnieuw proberen!! Dan kan ik er weer even tegenaan. Simpel he?